
Zachtaardige vaderfiguur. Een rustige mannelijke aanwezigheid met een open hart. Drager en overbrenger van de medicijnboodschap.
Medicijnman. Bewaker en muzikant van de heilige ceremoniële ruimte.
Mijn naam is Jose Antonio Jansasoy Jacanamijoy. Ik ben geboren in 1972 binnen de Inga-gemeenschap in Bajo Putumayo, Colombia. Ik ben de zoon van Taita Marcelino en Mamita Jesusa. Daarnaast ben ik familie van Taita Mayor Francisco Chasoy Jansasoy (Tío Pacho), de hoogste autoriteit van de Inga-volkeren. In mijn familie zijn we allemaal medicijnreizigers.
In mijn cultuur is het traditie dat, wanneer we worden geboren, onze grootouders een druppel Yagé (Ayahuasca) op onze navel leggen en nog één op onze lippen. Zo worden we aangewezen als dragers van het medicijn. Ik dronk Ayahuasca voor het eerst toen ik negen jaar oud was, onder begeleiding van mijn overgrootvader, die zelf ook Taita was.
Ik groeide op bij het Kamëntsá-volk in de Sibundoy-vallei, Alto Putumayo (Colombia). Toen ik veertien was, trok ik het regenwoud in, waar mijn “spirituele wifi” volledig werd geactiveerd en nooit meer wegviel. Ook daar nam ik het medicijn, en een stem zei: “Het is tijd.” Die stem vertelde me dat ik op zoek moest gaan naar mijn oom, Taita Santiago, en mijn vader, Taita Marcelino. Daarna liep ik met hen en met andere grootouders, zoals Taita Arturo, Taita Luís, Taita Domingo en Mamita Maruja. Tot op de dag van vandaag blijven we van hen leren. Een Taita zei ooit tegen me: “Ik ben 75 jaar en nog steeds in de luiers.”
Ik draag zowel de Inga- als de Kamëntsá-taal met me mee. Daarnaast heb ik groot respect voor hun volk, hun kennis en hun wetenschap. Ik ben een levenslange inheemse autoriteit binnen hun gemeenschappen, ambachtsman, voormalig hulpverlener van het Rode Kruis en muzikant. In 2002 voelde ik de roep en begon ik Ayahuasca te delen. Sindsdien heb ik gereisd door Colombia, Venezuela, Griekenland, Costa Rica, Zwitserland, Tsjechië en Spanje. In mijn ceremonies zing ik takis (íkaros; bezweringen) en speel ik mondharmonica en gitaar.
Binnen mijn traditie zijn mijn ouders, grootouders en overgrootouders altijd als familie samen gebleven, als ara’s. Zij vormen één paar en blijven hun hele leven bij elkaar, 80 tot 85 jaar. Dat hebben wij ook geleerd. Sinds 2011 word ik in elke ceremonie begeleid door de zachte, vrouwelijke aanwezigheid van Mama Yolimar. Deze heilige balans tussen het mannelijke en vrouwelijke is duidelijk voelbaar in onze ceremonies en schept een warme, harmonieuze ruimte voor heling en innerlijke verbinding. Met haar heb ik drie kinderen die zelf ook medicijn zijn; zij leren ons elke dag opnieuw.
Binnen onze familie, Jansasoy-Loreto, doen we altijd drie dingen: zingen, dansen en bidden. Dat is ons levensmotto.